Wetsvoorstel beperkte gemeenschap

Wetsvoorstel beperkte gemeenschap

Als het aan de VVD, PvdA en  D66 ligt  is trouwen in gemeenschap van goederen in de toekomst  niet meer de standaard.

Dat blijkt uit het initiatief wetsvoorstel ‘beperkte gemeenschap’  dat op 17 februari 2016 in de Tweede Kamer is behandeld.

In het wetsvoorstel wordt de beperkte gemeenschap tot uitgangspunt genomen. Dit houdt in dat alle bezittingen die een echtgenoot voor het huwelijk al had evenals alle schenkingen en erfenissen privé eigendom van de echtgenoten blijven.

Volgens de initiatiefnemers wordt op deze manier beter aangesloten bij de wensen van de meerderheid van de bevolking. Daarnaast wordt met het wetsvoorstel aansluiting gezocht bij de internationale standaard. Nederland kent als één van de weinige landen nog het stelsel van een algehele gemeenschap van goederen. Het wetsvoorstel zou ervoor zorgen dat het Nederlandse huwelijksvermogensrecht in overeenstemming komt met hetgeen in Europa gebruikelijk is.

Tijdens de behandeling op 17 februari 2016 bleek dat er bij een aantal politieke partijen weerstand bestaat tegen het wetsvoorstel.

De voornaamste kritiek op het wetsvoorstel is dat er geen behoefte zou bestaan aan verandering van het huidige stelsel van de gemeenschap van goederen. Uit het feit dat de meerderheid van Nederland geen huwelijkse voorwaarden heeft opgesteld zou kunnen worden afgeleid dat er geen behoefte bestaat aan beperking van de gemeenschap van goederen.
Bovendien zou het voorstel volgens de tegenstanders een versobering van de lotsverbondenheid opleveren, waardoor afbreuk zou worden gedaan aan “het romantische idee dat sommigen nog steeds hebben van het huwelijk.”

Kortom: niet alle partijen in de Tweede Kamer zijn ervan overtuigd dat het uitgangspunt van de algemene gemeenschap van goederen moet worden verlaten als standaardvorm.

Aan de initiatiefnemers is nu de gelegenheid geboden te reageren op de vragen en standpunten van deze eerste vergadering.

Wij houden u op de hoogte van de ontwikkelingen.